Sander had het al eens mogen meemaken, ziek zijn op wereldreis. Nu ben ik de “gelukkige”.

Samen bij de enorme liggende boeddha.
Samen bij de enorme liggende boeddha.
De prachtig bewerkte voeten van de liggende Boeddha.
De prachtig bewerkte voeten van de liggende Boeddha.

Ik heb al een tijdje last van regelmatig terugkomende hoofdpijn, nu we in Bago zijn is het ook weer raak. Dag een gaat het nog wel, de hoofdpijn is aanwezig maar ik kan het handelen. We huren fietsen en gaan op ontdekking uit.  Bago is niet een hele toeristische stad, maar er zijn wel prachtige tempels te zien, een enorme liggende boeddha en nieuwsgierige kindjes.

Peace!
Peace!
De kleine kids vonden het geweldig om te poseren.
De kleine kids vonden het geweldig om te poseren.

De volgende dag word ik wakker met hoofdpijn die ik zelden zo erg heb gehad. Vanavond gaan we met de nachtbus weer verder. Ik neem een warme douche, de pijn lijkt vanuit mijn schouders en nek te komen, en ga weer op bed liggen. Om 11:00 uur sta ik dan toch maar op, de uitchecktijd is 12:00 uur. Maar de hoofdpijn is nog niets minder geworden. Ook met paracetamol wordt de hoofdpijn niet minder.

Beneden in de hal van het guesthouse waar we verblijven gaan we zitten. Ik ben duizelig, misselijk en heb hoofdpijn. De eigenaresse van het guesthouse (Thuzar) kijkt me bezorgt aan, ik zeg dat het wel gaat, “alleen een beetje hoofdpijn”, en lach vriendelijk. Maar deze lieve dame vertrouwd het niet en geeft ons een kamer die toch leeg staat. Daar kan ik lekker op bed liggen en nog even slapen voor we met de bus van 19:00 uur zullen vertrekken.

Smile!
Smile!
Kleine harde werker.
Kleine harde werker.

Ik neem dankbaar gebruik van het aanbod en plof neer op het bed. Al snel ben ik zo misselijk dat  ik net op tijd een zakje kan pakken om te spugen. Sander stelt voor om de busrit maar te annuleren, zo kan ik toch niet met de nachtbus (12 uur in de bus). Maar dat hoeft niet, ik voel me nu al een heel stuk beter en ga gewoon nog even slapen en dan komt alles goed. Sander zegt dat ik eigenwijs ben, maar dat is natuurlijk niet zo, ‘Ik ben een verpleegkundige’ zeg ik geruststellend.

Maar het duurt niet lang voor ik weer wakker ben, braken, hoofdpijn, enorm duizelig en koorts. Sander is er klaar mee en annuleert de nachtbus. Thuzar is nu helemaal ongerust en vraagt of we niet even naar de kliniek moeten gaan. En dat vindt Sander wel een goed idee, ik probeer nog tegen te stribbelen maar dat heeft geen zin. Binnen de kortste keren zit ik, met barstende hoofdpijn en duizelig als ik ben, achter op de scooter tussen Sander en het neefje van Thuzar ingeklemd. Zo kan ik in ieder geval niet van de scooter vallen.

Een beeldentuin van biddende monniken.
Een beeldentuin van biddende monniken.
Monniken op weg naar de eetzaal.
Monniken op weg naar de eetzaal.

De kliniek blijkt een houten huisje te zijn. Ik mag op een houten bedje gaan liggen, de dokter (een vriendelijke man van in de 60) klopt hier en daar op mijn lichaam en meet de bloeddruk. Ik denk dat ik in tien minuten alle zusters voorbij heb zien komen. Een westerse patiënt, dat moet iedereen natuurlijk even gezien hebben! Maar ook andere patiënten/bezoekers komen even om het hoekje van de behandelkamer kijken.

De behandelkamer mag er wezen, posters van Aung San Suu Kyi aan de muur, vele spinnenwebben aan het plafond, oude bloedspetters rond het behandelbed. En dan nog maar niet te spreken over de vele aangebroken, half verdunde antibioticum flesjes met naalden er nog in. Weggooien is zonde, een koelkast is er niet en protocollen zijn er denk ik ook niet. De kliniek heeft ook nog een langharige kat rondlopen. Die loopt lekker op de balie tussen alle medicijnen door en krijgt regelmatig een snoepje, ook die staan tussen de medicijnen(in een oud medicijnen potje). Ik zie de dokter een labformulier invullen, en zeg alvast tegen Sander: “Alles leuk en aardig maar er gaat geen naald mijn lichaam in!” Sander moet lachen en zegt “Nee natuurlijk niet, schat”.

Lunchtijd!
Lunchtijd!
Bloemetjes op de grond.
Bloemetjes op de grond.

Met een stapeltje papieren en een soort van medisch dossier wordt ik doorverwezen naar het ziekenhuis. Ik kan alleen maar denken “Nee, niet weer die scooter op!!”. Het neefje heeft dat denk ik aangevoeld, brengt ons weer terug naar het guesthouse. Ondertussen heeft de hele familie van Thuzar zich daar verzameld en zetten ons in een soort van fiets riksja.

Als we bij het ziekenhuis aankomen staat Thuzar met haar familie bij de ingang ons al op te wachten. Ze willen ons allemaal graag helpen, wauww wat een lieve mensen! In het ziekenhuis krijg ik een klein potje in mijn handen gedrukt, hier moet ik eerst maar in plassen. Stomverbaasd staar ik naar het potje met een doorsnede van 1cm, moet ik hier ik plassen?? Het antwoord is ja en ik word al een wc ingeduwd.

De kliniek in Bago.
De kliniek in Bago.

En dan blijkt dat ze, wat ik al dacht, bloed willen prikken. Maar goed, alles is nieuw en wordt voor mijn ogen uit de verpakking gehaald, ze doen zelfs handschoenen aan. Het enige punt is dat ik middenin de wachtkamer op een houten bed moet gaan liggen. Zo een westerse vrouw is natuurlijk erg interessant en dus heb ik binnen korte tijd, buiten de hele familie van het guesthouse en de ziekenhuismedewerkers, ook alle andere patiënten en bezoekers van het ziekenhuis om het bed heen staan. Heel gezellig bloedprikken!

In en rondom Bago vind je veel beelden.
In en rondom Bago vind je veel beelden.

Terug naar het guesthouse word ik weer tussen twee man op een scooter gepropt en gaan ‘we’ in een optocht met vijf scooters weer terug.

Een uurtje later gaat Sander met de man van Thuzar weer terug naar de kliniek om de uitslag aan te horen: urineweginfectie.

Maar of je daar nou zulke hoofdpijn van krijgt… Ik krijg een antibioticumkuur, pijnstillers, maagbeschermers, slaappillen en een doorverwijzing naar het strand. Haha, echt waar, ik moet maar lekker naar het strand gaan en daar zeker een week blijven, niets doen, alleen maar relaxen. Wat een mooi recept zou je denken!

De medicijnen heb ik netjes gebruikt, twee dagen lang geslapen en tijgerbalsem op schouders en nek gesmeerd. Toen ging het weer een heel stuk beter. Maar de verwijzing naar het strand zal echt nog even op zich moeten laten wachten. We zijn in Myanmar en ik wil heel graag meer zien dan “alleen” het strand. Natuurlijk gaat mijn gezondheid boven alles, maar als het gaat dan gaat het. En ga nou niet zeggen dat ik eigenwijs ben, ‘ik ben een verpleegkundige’.

11 gedachtes op “Ziek in Bago

    1. Vertel dat maar aan Sander 😉
      Die zegt het nu nog steeds… “Oh nee, je bent niet eigenwijs hè, je bent verpleegkundige” als ik weer iets ‘eigenwijs’ in zijn ogen doe, haha!

  1. Ja,à verpleegkundige hè !!
    Tja die zijn soms ook ziek, maar dokteren liever zelf, toch syl!!!
    Gelukkig ben je opgeknapt!!

  2. Wat een verhaal, zal je niet zo snel vergeten! Een bezoek aan een buitenlands ziekenhuis/kliniek is toch een ervaring apart. Je beseft des te meer hoe goed het allemaal in Nederland is qua hygiëne, materiaal en benodigdheden.
    Prachtige foto’s. Met name van die grote liggende boeddha. Ongelooflijk dat dat allemaal met de hand is gemaakt.

    1. Ja wat dat betreft zijn we blij dat we zo meteen weer ‘gewoon’ kunnen terugkeren naar Nederland. Dan besef je in ene hoe goed ons zorgstelsel is en hoe veel geluk wij daarmee hebben!

  3. Jij bent niet eigenwijs, je weet het gewoon beter 😉 Ik wil ook wel zo een recept voor op het strand. Kun je deze niet doorsturen naar mij ofzo 😉 haha maar gelukkig niks ersntigs

Laat ons weten wat je vind van deze post. Geef een reactie!